We doen het samen:
Scholengemeenschap Rupel

 
 

Na een inloopperiode vanaf 2003 is sinds 1 september 2005 de Scholengemeenschap Rupel als een trein met 7 aanhangwagens vertrokken door het schoollandschap van de Rupelstreek. De samenwerking loopt tot 2020.

De deelnemende scholen zijn: de vrije Kleuterschool uit de Carillolei 16 in Aartselaar en de andere scholen zijn allemaal Vrije Basisscholen (kleuterschool en lagere school): De Reuzenboom (Spoorweglaan 25 Boom), de Sint-Jozefschool (Rozenlaan 44 Reet), de Kade (Heldenplaats 1 Boom), en de Vrije basisschool  Hemiksem (Heiligstraat 6 en Lindelei 203), de Sint-Hubertusschool Niel (Kerkstraat 15) en de Sint-Lutgardisschool (Peperstraat 17 Schelle).

Er zijn drie scholen met een eigen schoolbestuur (inrichtende macht), namelijk Aartselaar en de twee scholen van Boom. Niel, Hemiksem, Schelle en Reet zijn KOBA-scholen met als inrichtende macht de Katholiek Onderwijs Bisdom Antwerpen.

In het totaal telde de SG Rupel 3269 leerlingen. (op 1/2/2018)

 

Waarom een scholengemeenschap?

Kleine scholen hebben niet altijd voldoende draagkracht, specifieke middelen en eigen expertise om hun maatschappelijke opdracht met succes te vervullen. In een kleinere school is het moeilijker organisatorische problemen op te lossen dan in een grotere school. Op pedagogisch vlak hebben grotere scholen en samenwerkingsverbanden een aantal voordelen. De mogelijkheden om gedifferentieerd in functie van de mogelijkheden van elke leerling te werken zijn ruimer, nascholing volgen tijdens de schoolopdracht is eenvoudiger omdat het makkelijker is om de leerkracht te vervangen. Scholen die samenwerken kunnen beter het hoofd bieden aan bepaalde beleids- en beheersproblemen en door een goede samenwerking gaan alle partners een win-winsituatie binnen het samenwerkingsverband noteren. Je kan dit omschrijven in drie zinnen...

Niet iedereen moet alles doen

Het nauwer samenwerken tussen de scholen van een scholengemeenschap heeft een positieve invloed op de onderwijskwaliteit in de afzonderlijke scholen. Niet iedereen moet alles doen en zeven keer het warm water uitvinden geeft wel veel warm water maar vergt ook meer energie. Het feit dat meer mensen samen denken, organiseren en taken verdelen, leidt tot beter en efficiënter onderwijs. Wanneer je bovendien ook de menselijke ervaring, het materiaal en de infrastructuur samen gebruikt en ter beschikking stelt van meer kinderen, leidt dit tot een aanzienlijke versterking van de draagkracht van elke school afzonderlijk. Informatie, onderwijservaring en praktijkresultaten aan elkaar doorgeven werkt kosten- en energiebesparend en geeft meer ademruimte. De scholen kunnen afspraken maken om een gezamenlijk aankoopbeleid te voeren van goederen en diensten, wat de kostprijzen zeker drukt. Prijzen voor papier, onderhoudsproducten, fotokopieën, schoolmateriaal, diensten (energie), technieken, gebouwen en verzekeringen in groep bevragen leidt meestal naar betere voorwaarden. Gezamenlijke studiedagen of sportdagen laten veel meer kinderen profiteren van de gedane inspanningen met een beter resultaat en meestal met meer enthousiasme.

Afbeeldingsresultaat voor samenwerking 

Leren van mekaar

Vakleerkrachten kunnen vakinhouden, aanpakmethodes, materialen en evaluatietechnieken aan elkaar doorgeven en inzichtverbredend werken. Een studiedag voor alle leerkrachten van de scholengemeenschap maakt het mogelijk de alsmaar stijgende financiële lasten voor het engageren van onderwijsspecialisten gezamenlijk te dragen. Wie nascholing volgt, speelt informatie door aan collega’s die interesse hebben voor hetzelfde onderwerp maar die zelf niet moeten gaan. Meer mensen kennen inderdaad meer mensen zodat het zoeken naar specialisten op vele terreinen ook makkelijker wordt. Wat je van mekaar leert, dringt beter door en blijft langer hangen!
Gerelateerde afbeelding

Mekaar versterken

De directies van de 7 scholen vergaderen regelmatig om de scholengemeenschaptrein beter te laten rijden door te overleggen, afspraken te maken en werk onder elkaar te verdelen. Wie het sterkst is op een bepaald terrein kan zijn sterkte gebruiken om anderen sterker te maken. De scholengemeenschap maakt afspraken over het personeelsbeleid. Binnen de scholengemeenschap kunnen de scholen een aantal “punten” die werden toegekend aan elk afzonderlijk samen leggen en kunnen ook uren en lestijden overgedragen worden; het is dan ook evident dat de schoolbesturen binnen een scholengemeenschap afspraken maken over werving, taakinvulling en inzetbaarheid van de personeelsleden die zij met deze punten of lestijden/uren willen belasten.

Wat betekent dit in de praktijk?

In functie van het aantal leerlingen per school ontvangt de scholengemeenschap een aantal werkings”punten”. Dit is vooral het geval voor administratie, zorgverbreding en informaticatoepassingen. De punten van dit pakket worden eerst samen gelegd en verdeeld onder de scholen en indien nodig kunnen klemtonen wijzigen. Zo is het perfect mogelijk dat iemand van een bepaalde school de verplichte zorg voor preventie en veiligheid voor meerdere scholen op zich neemt. Als je bijvoorbeeld ziet hoe de informaticatechnologie de laatste jaren is uitgebreid in de scholen dan mag je zeker wel spreken van een duidelijk en zichtbaar succes. In heel wat scholengemeenschappen is er ook een coördinerend directeur (CODI) aangesteld , maar in de SG Rupel is deze  vervangen door een coördinerend stafmedewerker. 



Een enthousiaste directieploegAfbeeldingsresultaat voor samenwerking

Het directieteam vergadert maandelijks in Boom. Daar vergaderen zij om de violen te stemmen, nieuwe initiatieven te lanceren en bij te sturen waar nodig.

De directieploeg bestaat uit volgende directeurs en ondersteuning: Goedele Vandeneynde (coördinerend stafmedewerker), Guy Vloeberghs (Hemiksem), Jan Van Hoofstat (Niel), Dirk Coeck (Reet), Karin Eylenbosch (Aartselaar), Katleen Gielis (De Reuzenboom), Anne-Mie Coopman (De Kade) en Lizzy Van den Berge (Schelle).